In de glastuinbouw draait alles om een optimaal groeiklimaat. De juiste klimaatbeheersing is daarom essentieel. Een van de belangrijkste maatstaven daarvoor is het dampdrukdeficit, internationaal bekend als vapour pressure deficit (VPD). Dit getal drukt uit hoe 'dorstig' de lucht is: hoe groter het verschil tussen de maximale en de actuele hoeveelheid waterdamp, hoe sneller planten verdampen en hoe directer dat de groei beïnvloedt.
Een half kPa VPD-afwijking kost in de kasbouw 12,3 % tomatenopbrengst (Lu et al., 2015, Scientia Horticulturae). Een loshangende riem op je ventilator kost 24 % extra energie (Zhang et al., Int. J. Agric. Biol. Eng.). En een insectengaas dat je luchtuitwisseling met 87 % reduceert, ondermijnt je hele ventilatieontwerp (Ould Khaoua et al., 2006, Biosystems Engineering).
Ventilatie in kassen is geen bijzaak, maar maakt het verschil voor klanten tussen iets doen aan klimaatbeheersing en gewasrendement. Na het lezen van dit artikel kun je als technische sparpartner alles uit de kast halen voor je eindklant. Je weet de ins- en outs met betrekking tot temperatuur, vocht en CO₂, hoe ze samenhangen met luchtstroom, wat de beste strategieën zijn én waar het geld zit. Dat maakt het pitchen van je project wel zo makkelijk.
Belangrijkste inzichten rondom efficiënte kasventilatie (in dit artikel)
Dit artikel is bedoeld voor projectontwikkelaars, energieconsultants en technische professionals die (ventilatie)projecten voor kassen ontwerpen, benodigdheden moeten specificeren of een aanpak moeten onderbouwen voor de klant die kostenefficiënt én duurzaam is.
• VPD bepaalt je opbrengst. Optimale VPD voor tomaat: 0,5–1,0 kPa. Onder 0,43 kPa begint schimmeldruk. Boven 1,2 kPa droogtestress. Elke afwijking kost rendement.
• CO₂ raakt binnen 30 minuten uitgeput. Zonder ventilatie zakt CO₂ van 400 naar <200 ppm. Dat halveert de fotosynthesesnelheid en daarmee de groei van je gewassen.
• Insectengaas reduceert luchtuitwisseling 77–87 %. Plan bij gaas altijd extra mechanische ventilatie in.
• EC-ventilatoren besparen 57 % op energie. Terugverdientijd is gemiddeld: 1,2–2 jaar. Bij halve snelheid 87,5% minder verbruik dan AC.
• Het nieuwe telen levert 25–40 % energiebesparing. 300+ telers bewijzen het, ondersteund door WUR-data.
• ISDE 2026: ventilatie nieuw als subsidiabele categorie. Direct relevant voor EC-projecten. Neem het mee in je tender.
• Nieuwe ErP-verordening per 24 juli 2026. Strengere efficiëntie-eisen. Specificeer nu al op (EU) 2024/1834.
Let op: ondanks dat de cijfers onderbouwd zijn treden er altijd verschillen op per situatie, type ventilator, kas en spelen er veel andere factoren mee. Neem daarom altijd contact op voor aanvullend advies en fact-check of de cijfers kloppen in jouw situatie.
Hoe ventilatie het microklimaat beïnvloedt
Temperatuur, vocht en VPD: de drie pijlers
Een kas is een gesloten systeem waarin temperatuur en vocht snel uit balans raken. Zonnestraling? Die drijft de temperatuur op, transpiratie verhoogt de luchtvochtigheid en zonder luchtverversing bouwt zich een microklimaat op dat groei remt en ziektedruk verhoogt.
Dat laatste geldt overigens zowel voor kasmedewerkers als voor de gewassen die geteeld worden.
Een voorbeeld van het belang van een goed microklimaat in kassen
De richtwaarden voor tomaten verbouwen? Die zijn goed te vinden. Het is het best onderzochte kasgewas, de ideale waarden zijn een RV van 50-70 % en temperatuur van 17-27 °C. Boven de 25 °C neemt de opbrengst niet-lineair af: elke 1,2 °C stijging kost circa 12,6 % opbrengst. Bij 30 °C valt de vruchtzetting grotendeels weg.
Je kan je voorstellen waarom je klant dus verwacht dat jij goed op deze waarden let als je een voorstel schrijft.
Maar.. Temperatuur en RV alleen vertellen niet het hele verhaal. Je wilt kunnen meepraten op het niveau van je eindklant. Dat brengt ons bij factor 3, het VPD.
Het vapour-pressure-deficit (VPD) geeft aan hoeveel verdampingscapaciteit de lucht nog heeft. Het is de drijvende kracht achter transpiratie en daarmee achter nutrienttransport, bladkoeling en groei.
Een te lage VPD (bij hoge RV) in de kas? Dat stopt transpiratie en opent de deur voor botrytis (ofwel schimmel).
Een te hoge VPD in kassen? Dat leidt ertoe dat de huidmondjes (ofwel microscopisch kleine poriën op bladeren en stengels van planten) dicht gaan en stopt CO₂-opname.
We doken diep de materie in om belangrijke waarden voor kasbouw voor je op een rij te zetten, incl. bronnen voor de liefhebber.
Optimale VPD-bereiken per gewas
Gewas | Optimale VPD (kPa) | Acceptabel bereik | Bron |
Tomaat | 0.5–1.0 | 0.3–1.2 | Shamshiri et al., 2018; Lu et al., 2015 |
Paprika | 0.5–1.0 | RV 65–85 % | DryGair agronoom-richtlijn |
Bladgroenten / kruiden | 0.65–0.9 | Optimum 0.85 | Dr. Nadia Sabeh, Urban Ag News |
Algemeen | 0.8–1.2 | 0.45–1.25 | Michigan State University Extension |
De grenzen waar je voor (je klant) voor moet waken:
• Onder 0,43 kPa ontstaan schimmelsymptomen.
• Onder 0,2 kPa is botrytis-infectie het meest destructief.
Botrytis vereist een RV boven 85 % bij 15–20 °C, met vrij water op het blad gedurende 6–8 uur (Bron: Ohio State University Extension). Deze schimmel klinkt je klant waarschijnlijk bekend in de oren, want diezelfde specifieke schimmel kost de sector 10–100 miljard dollar per jaar wereldwijd (Jin & Wu, 2015, Crop Protection).
CO₂ de vaak vergeten pijler
Wanneer in artikelen over ventilatie geschreven wordt blijft dit beperkt tot temperatuur en vocht. Wat op zich logisch is, maar voor je klant is CO₂ minstens zo bepalend voor zijn opbrengst.
Planten consumeren CO₂ namelijk voor fotosynthese. In een gesloten kas daalt de concentratie daarvan echter snel.
De buitenlucht? Die bevat circa 420 ppm CO₂. Oké, maar hoe verhoudt zich dat tot de waarden in een kas?
Op een zonnige ochtend kan de concentratie in een slecht geventileerde kas binnen 30 minuten dalen tot onder 200 ppm. Dat is een niveau waarbij de fotosynthesesnelheid halveert.
Veel telers doseren daarom CO₂ tot 800–1.000 ppm. Maar zonder ventilatie is die investering grotendeels weggegooid geld: doseren in een te warme, te vochtige kas is als gas geven in je auto met de handrem erop.
De oplossing?
Dat is een gebalanceerde 1-2-3-aanpak voor de ventilatie oplossingen in de kas, een aanpak die drie functies tegelijk vervult:
1. Warmte afvoeren.
2. Vocht reguleren.
3. CO₂-verversing borgen.
Bij semi-gesloten kassen met warmteterugwinning is slechts 14 kg CO₂/m² per jaar nodig om het hele jaar door boven 1.000 ppm te blijven. Zet dit af tegen 55 kg/m² in een conventionele kas die alleen overdag rond 600 ppm haalt (MDPI Energies 16(14), 5493).
Ofwel: goede ventilatie scheelt dus direct in doseerkosten voor je klant.
Ventilatie verwijdert bovendien ethyleen. Ook die term zal je klant bekend in de oren klinken. Dat is de naam voor het rijpingsgas dat vruchtkwaliteit versnelt en houdbaarheid verkort.
In tomaat, paprika en sierteelt is ethyleenophoping een directe oorzaak van kwaliteitsverlies. Je kunt jezelf wel voorstellen waarom de klant het belangrijk vindt dat zijn gewassen goed rijpen, maar ook weer niet té snel.
Ventilatiestrategieën: van passief naar actief
Kasventilatie begint bij het ontwerp van het gebouw zelf: de dakluiken en zijramen die wind en thermiek benutten zonder energiekosten. Waar dat niet volstaat, nemen mechanische systemen het over: circulatieventilatoren rekenen af met de ‘dode zones’ in de kas. Met behulp van EC-motoren kan dat vaak tegen een fractie van het oude energieverbruik dat daarvoor nodig was.
Ventilatie-gerelateerde zaken waar je rekening mee wilt houden in de groenteteeltsector.
Natuurlijke ventilatie
Natuurlijke ventilatie gebruikt winddruk en thermiek om warme, vochtige kaslucht te vervangen door buitenlucht. Het kost geen energie, maar het ontwerp bepaalt het resultaat.
Ventgrootte
Vuistregel voor ventopeningen: dakventilatie én zijventilatie beslaan elk minimaal 15–20 % van het vloeroppervlak (omgerekend dus 30–40 % van het totaal). Bij windsnelheden boven 1-1,5 m/s levert wind meer dan 80 % van de luchtuitwisseling; thermiek wordt pas dominant bij windstil weer (UMass Amherst Extension).
Zijgevelopeningen verhogen de ventilatiecapaciteit met een factor x2 à x7 ten opzichte van alleen nokventen. Het precieze verschil? Dat hangt af van het aantal kappen en windcondities: bij een 3-kapper kan de factor oplopen tot x7, bij grotere multi-span kassen is x3-x4 realistischer.
Open-roof ontwerpen met meer dan 50% dakopening maken zijventen soms overbodig.
Insectengaas: door buitenstaanders vaak onderschat als het gaat om goede ventilatieoplossingen plaatsen in kassen
Anti-insectengaas vermindert namelijk de luchtwisseling met 77-87 %. Bij kassen met insectengaas is aanvullende mechanische ventilatie geen luxe, maar simpelweg een noodzaak.
Tip: het lijkt een open deur, maar als het gaat om een bestaande kas aanpassen is het verstandig met het team een rondje te lopen. Het gaat juist om afwijkingen zoals hierboven waar je niet direct aan zou denken die een groot verschil kunnen maken. Hetzelfde geldt voor het visualiseren van een nieuwbouwkas, neem ook dit soort details mee in simulaties.
Let op bij het lezen van onderstaande, elke situatie is anders, raadpleeg voor verdiepend onderzoek de bronnen en ontwerp simulaties.
Mechanische circulatie
Wanneer natuurlijke ventilatie tekortschiet, bijvoorbeeld door windstilte, insectengaas of ongunstige kasoriëntatie, dan nemen de mechanische ventilatoren over.
Verticale circulatie
Plafondventilators mengen droge, warme lucht van boven met vochtige lucht op gewasniveau.
Onderzoek van Kitaya et al. (2004, Advances in Space Research) laat bijvoorbeeld zien dat verticale luchtstroming bij sla tot 130% hogere opbrengst oplevert ten opzichte van horizontale stroming.
De optimale luchtsnelheid op plantniveau: 0,3–0,7 m/s (Kitaya et al., 2003).
Door je te verdiepen in dit soort materie maak je natuurlijk iedere klant blij!
Recirculatieventilatoren
Recirculatieventilatoren creëren een luchtcircuit parallel aan de teeltgoten. Benodigd debiet: 0,5-1 m³ per m³ kasvolume per minuut.
Plaatsingsregels: eerste ventilator 3-5 m van de eindwand, daarna om de 9-15 m, circa 20 stuks per hectare (Michigan State University; Growsave UK).
Energieverschil: recirculatieventilatoren verbruiken 0,75-2,15 W/m² versus 4,3-6,5 W/m² voor conventionele afvoerventilatoren, ofwel een factor 3 à 5 minder (John Bartok, UConn Extension).
EC-ventilatoren: de upgrade die zichzelf terugbetaalt
EC-motoren (brushless DC) halen 85–90 % rendement. Standaard eenfase AC-motoren in ventilatoren halen 35–50 % (bron: U.S. DOE).
Het verschil?
Dat is het grootst bij deellast en dát is precies waar kasventilatoren het meeste draaien.
De fan affinity law verklaart waarom: energieverbruik stijgt met de derdemacht van de snelheid.
Dat ziet er ongeveer zo uit: 20% lage toerental = bijna 50% minder verbruik.
Bij 50% toerental verbruikt een EC-fan 12,5% van vollast.
Dezelfde reductie met AC?
Dan schakel je de helft van de fans uit en bespaar je 50%. Het verschil: 87,5% vs. 50% besparing bij dezelfde luchtreductie. Juist in dit soort situaties ligt dus de echte kracht van EC-technologie van ebm‑papst.
Rekenvoorbeeld: EC-retrofit voor één hectare
Kas van 1 hectare, 5 m hoog, circulatiefactor 3 = 150.000 m³/h benodigd. Hieronder een energievergelijking voor de AxiBlade axiaalventilator met een diameter van 800 mm: een conventionele AC-ventilator versus onze GreenTech EC-variant bij 15.800 m³/h en 30 Pa, met een realistisch jaarlijks deellastprofiel. Het resultaat:
Gegeven | Waarde |
Ventilatortype | ebm‑papst AxiBlade 800 (GreenTech EC) |
Werkpunt | 15.800 m³/h bij 30 Pa |
Besparing per ventilator | €149/jaar bij €0,10/kWh |
Max. energiebesparing bij deellast | Tot 70 % |
Indicatieve opschaling naar 1 hectare:
Elektriciteitstarief | Indicatieve besparing (10 ventilatoren) |
€0,10/kWh | €1.490/ha/jaar |
€0,22/kWh | €3.280/ha/jaar |
€0,30/kWh | €4.470/ha/jaar |
Het exacte aantal ventilatoren, werkpunt en deellastprofiel verschilt per kas, bovenstaande is slechts een voorbeeld/rekenrichting. Het werkelijke tarief in de glastuinbouw varieert van circa €0,10 tot €0,30/kWh, afhankelijk van contract, WKK-inzet en belastingschijf.
De derdemachtswet verklaart waarom EC-technologie bij deellast zoveel sterker presteert: halveer je het toerental, dan daalt het verbruik met 87,5 %. Conventionele AC-fans met spanningsregeling bereiken die deellastbesparing niet.
Nog steeds aan het lezen? Dan is je volgende stap de ebm‑papst FanScout checken
Onze FanScout-tool berekent op basis van je werkpunten (debiet en druk) de best passende ventilator, inclusief of een enkele ventilator of een FanGrid de meest energie-efficiënte oplossing is. Prestatiedata is gecertificeerd door TÜV SÜD in de hoogste nauwkeurigheidsklasse. Beschikbaar via fanscout.ebmpapst.com
Dauwpunt gestuurde klimaatbeheersing toepassen
Warm stoken om vocht weg te krijgen in een kas? Dat is de duurste manier om van vocht af te komen. Bij dauwpunt-gestuurde ventilatie coördineer je verwarming en luchtverversing op basis van vochtmetingen: bij zonsopgang kort verwarmen om het dauwpunt omhoog te schuiven, dan ventileren tot de absolute vochtinhoud is gedaald.
Dat gaat natuurlijk automatisch, sensoren automatiseren deze cyclus voor je klant.
Al bekend met deze trend?
Het nieuwe telen: 300+ telers, 25–40 % besparing
De resultaten uit het WUR-programma Het Nieuwe Telen zijn de sterkste onderbouwing voor deze aanpak:
• Aubergine: tot 40% energiebesparing met meerdere schermen en buitenluchtaanzuiging (Dieleman et al., 2011, WUR GTB-1076).
• Tomaat: warmteverbruik naar 1.010 MJ/m² (32,6 m³ gas/m²/jaar) met dubbele schermen en buitenluchtinjectie. Nauwelijks botrytis. Economisch haalbaar boven €7/GJ (Raaphorst, 2011, WUR GTB-1097).
• Geforceerde ventilatie met warmteterugwinning: €3/m² investering — de meest economische ontvochtigingsmethode volgens WUR-onderzoeker Campen (2009, proefschrift).
Overzicht: strategieën voor ventilatie op een rij
Strategie | Microklimaat-effect | Aandachtspunten | Kerndata |
Natuurlijke ventilatie | Warmte, vocht en CO₂ afvoeren via wind en thermiek | 30-40 % ventoppervlak; oriënteer op zomerwind | Wind = >80 % van ventilatie boven 1,5 m/s |
Verticale circulatie | Temperatuur- en vochtlagen mengen | 0,3–0,7 m/s op plantniveau | Tot 130 % hogere opbrengst sla |
Recirculatieventilatoren | Gelijkmatig klimaat langs teeltrijen | ~20/ha; 0,5–1 m³/m³/min | x3 a x5 minder verbruik dan exhaust |
EC-ventilatoren | Dezelfde luchtstroom, minder energie | 85-90% rendement; deellast is key | Tot 70% besparing; bereken je case via FanScout |
Dauwpuntregeling | Vochtverwijdering zonder stoken | Coördineer verwarming + ventilatie op vochtdata | 25–40 % energiebesparing (WUR HNT) |
Subsidies en normen
De Nederlandse glastuinbouw verbruikt 95 PJ per jaar over 10.260 ha. Energie is tot 20 % van de productiekosten; klimaatregeling tot 90 % van het energieverbruik (WUR Energiemonitor 2024). De sector mikt op klimaatneutraal in 2040. Dat creëert subsidiekansen:
Regeling | Budget | Percentage | Relevantie |
EG | €52,9M | Tot 20 % | Energiebesparende maatregelen glastuinbouw |
MEI | €9,7M | Tot 40 % | Systemen met ≥25 % CO₂-reductie |
EIA | €460M | 40 % aftrek | Energie-efficiënte investeringen |
SDE++ | €8 mrd | ≤€300/t CO₂ | CO₂-reductieprojecten |
Drie regelgevingen, alle drie direct van invloed op kasventilatoren: wat de kas nodig heeft (EN 13031-1), wat de ventilator moet presteren (ErP 2024/1834) en waarom de teler moet upgraden (Convenant). Let op: de ErP-verordening heeft betrekking op axiaal- en centrifugaalventilatoren voor algemene ventilatie, niet op recirculatieventilatoren in kassen.
Normen en deadlines
Norm / Regelgeving | Status | Kernpunten |
EN 13031-1:2019 | Geldig | Europese constructienorm voor commerciële productiekassen. Definieert eisen voor mechanische sterkte, stabiliteit en duurzaamheid, inclusief ventopeningen als constructie-element. NL-annex: NEN-EN 13031-1:2020. |
ErP (EU) 2024/1834 | Vervangt 327/2011 | 24 juli 2026: strengere efficiëntiedrempels + verplichte productinformatie voor ventilatoren 125 W – 500 kW. 24 juli 2027: deellastcurven + repareerbaarheidseisen verplicht. Amendement (EU) 2025/2481 (dec 2025): technische correcties. EU verwacht 31 TWh/jaar besparing tegen 2030. |
Convenant Energietransitie Glastuinbouw 2022–2030 | Lopend | 2030: restemissiedoel 4,3-4,8 Mton CO₂eq. 2040: klimaatneutraal. Vanaf 2025: stapsgewijze afbouw verlaagd gastarief (volledig afgeschaft per 2035). Drijft marktvraag naar energiezuinige ventilatie - telers moeten investeren in efficiëntere systemen om stijgende energiekosten op te vangen. |
Conclusie
Ventilatie is niet “lucht verplaatsen.” Het is het gereedschap waarmee je temperatuur, vocht en CO₂ gelijktijdig stuurt. Wie dat goed doet, haalt meer uit elke vierkante meter kas — meer opbrengst, minder energiekosten, minder ziektedruk.
De combinatie van natuurlijke ventilatie, EC-circulatieventilatoren, dauwpuntgestuurde regeling en sensordata levert bewezen resultaten: 25–40 % energiebesparing, terugverdientijden onder twee jaar, en een microklimaat dat aantoonbaar meer opbrengt. Met de huidige subsidies en de nieuwe ErP-eisen is er geen reden om te wachten.
Bronnen
1. Shamshiri, R. et al. (2018). International Agrophysics, 32, pp. 287–302. DOI: 10.1515/intag-2017-0005.
2. Lu, N. et al. (2015). Scientia Horticulturae, 197, pp. 17–23.
3. Jin, B. & Wu, D. (2015). Crop Protection. Schatting: $10–100 mrd/jaar wereldwijd.
4. Sato, S. et al. (2000). Geciteerd in Shamshiri et al. (2018).
5. Ould Khaoua, S.A. et al. (2006). Biosystems Engineering, 95, pp. 83–98.
6. Bartzanas, T. et al. (2004). Biosystems Engineering, 88(4), pp. 479–490.
7. ANSI/ASAE EP406.4 (2003/2008). ASABE. PDF via University of Arizona CEAC.
8. UMass Amherst Extension. Natural Ventilation in Greenhouses.
9. Ohio State University Extension. Botrytis Gray Mold, HYG-3070.
10. Kitaya, Y. et al. (2003). Advances in Space Research, 31(1), pp. 225–230.
11. Kitaya, Y. et al. (2004). Advances in Space Research, 34(7), pp. 1510–1514.
12. Bartok Jr., J.W. (2015). UConn Extension.
13. Vostermans Ventilation (NL). vostermans.com.
14. Michigan State University Extension. HAF fan placement.
15. Growsave UK. Air movement in greenhouses.
16. Parvalux/maxon. Brushless DC motor efficiency.
17. U.S. DOE (2013). Motor Energy Savings Potential Report.
18. U.S. DOE & AMCA (2003). DOE/GO-102003-1294.
19. ebm‑papst. EC vs. AC motor efficiency. ebmpapst.com.
20. ebm‑papst. FanScout selectiesoftware. TÜV SüD-gevalideerd.
21. Monitrol. EC vs. AC savings in agriculture.
22. Airedale International. EC fan retrofit payback.
23. Dieleman, A. et al. (2011). WUR GTB-1076.
24. Raaphorst, M. (2011). WUR GTB-1097. edepot.wur.nl/175668.
25. Campen, J.B. (2009). PhD thesis, WUR. DOI: 10.18174/12805.
26. Hao, X. et al. (2015). GreenSys2015, ISHS.
27. Ariesen-Verschuur, N. et al. (2022). Computers and Electronics in Agriculture, 199, 107183.
28. GreenTech (2024). Priva ECO / Sigg-Plant case study.
29. Hemming, S. et al. (2020). Sensors, 20(22), 6430.
30. Marcelis, L. et al. (2024). J. Horticultural Science.
31. Sensors, 24(24), 8109 (2024). MDPI.
32. Zhang, Z. et al. (ca. 2015). Int. J. Agric. Biol. Eng.
33. Penn State Extension. Ventilation system efficiency.
34. Frazier, R.S. (2017). Oklahoma State University, BAE-1407.
35. U.S. DOE/NREL. V-Belt replacement fact sheet.
36. WUR Energiemonitor Nederlandse Glastuinbouw 2024.
37. Kas als Energiebron / Glastuinbouw Nederland.
38. MDPI Energies, 16(14), 5493. Semi-closed greenhouse CO₂.
39. EN 13031-1:2019. CEN/TC 284.
40. Verordening (EU) 2024/1834. EUR-Lex.
41. Europese Commissie (2024). Persbericht ecodesign fans.
42. Besluit Activiteiten Leefomgeving. Geluidsnormen glastuinbouw.
43. Dr. Nadia Sabeh. Urban Ag News.
44. DryGair. Pepper Greenhouse Guide.
45. Li, H. et al. (2020). PLOS ONE, 15(9), e0239851.
46. UF IFAS Extension. Fans For Greenhouses, AE020.